Algemeen

Competentiegericht begeleiden is een methodiek die aansluiting zoekt bij de aanwezige competenties van de cliënt. Competentiegericht begeleiden is dus een begeleidingsmethodiek die gericht is op het uitbreiden van vaardigheidsrepertoire van de cliënt. Aan competentievergroting ligt een model ten grondslag dat teruggrijpt op de ontwikkelingspsychologie en leertheorieën; het competentiemodel.

Inzicht in het competentiemodel helpt begeleiders en cliënten bij het formuleren van doelen op het niveau van vaardigheden en levert een positieve bijdrage in het slagen van de doelen in een begeleidingstraject. 

Uitgangspunten van het competentiegericht begeleiden:

- Aansluiten bij de eigen krachten van de cliënt en proberen deze te activeren bij het realiseren van doelen;
- Prioriteit geven aan het functioneren in het dagelijks leven;
- Gericht zijn op zo zelfstandig mogelijk functioneren;
- Accent leggen op het creëren van nieuwe mogelijkheden;
- Samen opbouwen en activeren van een steunend netwerk;
- Behoeften, wensen, grenzen en normen van de cliënt horen en serieus nemen.

Wat is competentie

Wat is competentie? We noemen mensen competent als zij over voldoende vaardigheden beschikken om de (ontwikkelings)taken waarmee zij in het dagelijks leven geconfronteerd worden, op adequate wijze kunnen vervullen. Competentie is een balans tussen taken en vaardigheden.

Taken zijn thema’s die karakteristiek zijn voor een bepaalde levensfase en die van de persoon bepaalde gedragingen vragen. En van invloed zijn op de opgaven waarvoor een cliënt komt te staan in het alledaagse contact met de samenleving. Een taak kan bestaan uit verschillende taken. Een taak kan één of meerdere vaardigheden bevatten. (zelfstandig wonen; budget beheer; administratie ordenen, plannen enz).

Verschillende factoren

Het vaardigheidsrepertoire waarover een cliënt beschikt beïnvloedt dus de mate van competentie. Hoe meer vaardigheden iemand bezit en kan gebruiken, des te beter iemand in staat is bepaalde taken uit te voeren. Dit komt de balans tussen taken en vaardigheden ten goede. 

Daarnaast zijn er ook protectieve factoren die de competentie positief beïnvloeden. Onder protectieve factoren verstaan we aspecten in de omgeving en eigenschappen van de cliënt die hem kunnen beschermen tegen de invloed van stressoren en die bepaalde uitingen van psychopathologie kunnen verzachten. Bijvoorbeeld; een sterk sociaal netwerk, incasseringsvermogen, relativeringsvermogen enz.

Daarnaast kunnen er factoren zijn die de balans, de competentie, negatief beïnvloeden, te weten stressoren en psychopathologie. Stressoren zijn invloeden waaraan men zich niet of nauwelijks kan ontrekken en die een negatieve invloed uitoefenen op het functioneren. Voorbeelden zijn; een verkeersongeluk krijgen, overlijden van een geliefd persoon, oorlogstrauma, seksueel geweld e.d.

Onder psychopathologie verstaan we; een binnen de geldende cultuur ongebruikelijk patroon van gedragingen dat gepaard gaat met leed, minder goed functioneren of in buitengewone mate, het risico om in aanraking te komen met lijden, de dood of vrijheidsverlies. In dit verband wordt ook wel over stoornissen gesproken; psychiatrische ziektebeelden. Deze factoren samen zijn van invloed op de wijze waarop iemand in het dagelijks leven functioneert.

Werkwijze

Op basis van bovenstaande factoren en aanwezige competenties wordt er tijdens de analysefase samen met de cliënt een analyse gemaakt van de competenties op de verschillende levensgebieden. Tijdens de analyse fase worden er coachende en sturende technieken en instrumenten ingezet om tot een goede analyse en gezamenlijke doelformulering te komen.

Vanuit het competentie gericht begeleiden worden er samen met de cliënt doelen gesteld die gericht zijn op interventies in drie milieus. De levensgebieden vanuit het 8-fasenmodel passen binnen deze drie milieus. 

- Sociaal netwerk/gezin 
- Werk/dagbesteding 
- Vrije tijd en buurt

De begeleiding wordt gefaseerd aangeboden; wennen, verandering, afronding/vertrek. De gefaseerde begeleiding biedt overzicht, geeft zicht op groei en heeft aandacht voor specifieke doelen bij start, gedurende de begeleiding en bij de afronding van de begeleiding. Tijdens het begeleidingstraject wordt er door begeleiders gebruik gemaakt van coachende, sturende technieken. Waarbij het geven van feedback op gedrag een belangrijk instrument is.Competentie gericht werken richt zich niet alleen op de inhoudelijke begeleiding vanuit het trajectplan, maar neemt daarbij ook de (fysieke) omgeving van de cliënt mee en schept daarmee een competentiegericht begeleidingsklimaat. Belangrijke instrumenten vanuit de omgeving die daar een positieve bijdrage aan kunnen leveren zijn; de huisregels, dagstructuur, gebruik van groepsgesprekken, bewonersoverleg.